Categorie archief: Gorgelrijmen

De zabberslak


Wie zabbert in de schele nacht
en heeft dan twee keer bezemkracht
waardoor ze vaak al nokkels brak?
Het is de zabberslak.

Tekening Jaap van den Born


Wie zoeft er fluks het maanlicht door
met een reflector op haar oor
en knipperfrikkels op haar dak?
Het is de zabberslak.

Als ’s ochtends vroeg de zon verschijnt,
wie is de eerste die verdwijnt,
nog één keer zabbert, zij het zwak?
Het is de zabberslak!

De zwerkbaril

tekening van Jaap van den Born

De vreselijke zwerkbaril
is echt van niémand bang.
Nee, zelfs niet van de sidderil,
die jaagt hem pas op stang!

Hoe sterk de vijand, groot zijn kop,
hoe fel zijn schrikkels branden,
de zwerkbaril blijft fier rechtop
en schrobt zijn valse tanden.

Maar hoort hij plots een schrille roep
die kringelt uit de struiken
tezamen met de geur van poep?
Dan zwerkt hij wat hij zwerken kan…

hij vreest het groenpoepkuiken.

Het groenpoepkuiken

Het groenpoepkuikenIk ben het groenpoepkuiken.
Ik grobbel in het gras,
ik strubbel door de struiken
en plodder op de plas.

Ik ben het groenpoepkuiken,
herkenbaar aan mijn roep,
aan mijn manier van duiken
en aan mijn groene poep.

Ik ben het groenpoepkuiken,
jij slappe bruinkwakhoen!
‘k Laat jou een poepje ruiken
en let wel… het is groen.

De gingginger

tekening door Jaap van den Born

tekening door Jaap van den Born

In een woud hier ver vandaan
leeft een schepsel, heel alleen.
Hij kan rollen, maar niet staan,
heeft geen been, geen voet, geen teen.

Oh, wat moet hij eenzaam wezen,
deze purperen gingginger,
die niet eens een boek kan lezen
want hij heeft geen hand, geen vinger.

‘k Heb zo’n meelij met het dier,
maar dat woud is ver van hier.

Voor zijn achteroverneven
(heel gelijkend, maar wel groen)
die in onze streken leven
kan ik echter wél iets doen!

Hen verzorgen is een pretje,
zie ze soezen in de lommer.
Ik bereid hun vinaigretje
want ik hou zo van komkommer.

(melodie – behalve regel 9 en 10 – uit de film “Miss Potter” – “Let me teach you how to dance”, gezongen door Ewan Mc Gregor, gecomponeerd door Nigel Westlake)

De paaskorneel

Tekening Jaap van den Born

Tekening Jaap van den Born

De paaskorneel is blauw-met-rood,
dat doet hem zo’n verdriet.
En bovendien is hij niet groot,
geen droezel die hem ziet.

Veel liever was hij groen-met-geel,
de kleuren van de lente.
Dus kijkt hij sip (en ook erg scheel),
zoekt troost in smots met krenten.

De huppekee

Tekening van Jaap van den Born

Tekening van Jaap van den Born

Hee, zit daar niet de huppekee
te wobb’len in het groes?
En klinkt daar niet zijn kreet “Hoezee!”?
Wat anders dan “Pardoes!”.

Jawel, echt waar, ik zag een glimp
van huppekeetjes kop.
Zijn dikke tsjonk was paarselpimp,
had hij een vaatje op?

De huppekee drinkt graag voor twee.
(Slechts één keer per kaboes!)
Al roept hij dan “Driewerf hoezee!”,
het klinkt veeleer… pardoes!

De vonzigaard

Tekening van Jaap van den Born

Tekening van Jaap van den Born

Ik ben de voze vonzigaard,
ik vonzig met mijn wapper,
in ’t openbaar zelfs, heel bedaard
(eerst traag en dan steeds rapper).

Ik ben de roze vonzigaard
(het blauw was uitgeput),
de enige die is behaard:
de schoor was ingedut.

Ik ben de boze vonzigaard
want ieder kijkt me na,
omdat ik met mijn roze baard
compleet voor wiezel sta!

Willie de urk

Tekening van Jaap van den Born

Tekening van Jaap van den Born

Er was er eens een urk
die niet zo hield van gurkelen,
tenzij dan op zijn flurk
(al dient die om te flurkelen).

Zijn pa was daarentegen
een grote gurkelaar.
Bij zon, maar ook bij regen:
de gurk lag altijd klaar.

Er werd wat afgegurkeld,
het zat in de familie,
maar moeder keek besmurkeld:
wat was er mis met Willie?

Ze zei dus aan haar zoon:
“Probeer het toch eens even.
Hier, veeg je gurk maar schoon,
je wordt vast heel bedreven.”

Hoe Willie ook zijn best deed,
het gurkelen werd een flop.
Toen hij het ding kapot smeet,
schoot er iets door zijn kop.

Hij haalde dan zijn flurk
en smeet die ook aan stukken,
ging naarstig aan het slurk,
het zou hem zeker lukken!

Ja, iedereen bezwurkelde
die kleine, slimme urk.
De enige die gurkelde
op een… gurkeflurk!

Zwibbelzogje

Tekening Jaap van den Born

Tekening Jaap van den Born

Klein zwibbelzogje wil naar huis,
ze houdt niet van logeren.
Ze trippelt weg, stil als een muis,
om nooit terug te keren.

De troedeltjes in oma’s kast
zijn oud, compleet versleten.
Wie troedelt er nog met een flast?
Ze zou het echt niet weten.

Ze lust geen stroep, ook niet geprakt,
geen scheve schoffeloren.
Wat oma in de troggel kwakt,
het kan haar niet bekoren.

Maar dan denkt zwibbelzogje weer
aan oma’s lieve zwotsen
en weggaan wil ze dus niet meer,
ach wat… je kan steeds kotsen!

De bárzilmus

Tekening Jaap van den Born

Tekening Jaap van den Born

De bárzilmus heeft erge jeuk,
toch durft ze niet te krabben.
De laatste keer dat ze het deed,
schoot haar karmonkel in een deuk
en stond haar poot vol flabben.

Geloof me maar: het is niet leuk
behept met een karmonkeldeuk
te hippen op beflabde poot
in de Bárzilse Slabben.

Nog liever ging ze stokstijfdood
aan echt-niet-te-verdragen jeuk
dan dat ze weer zou krabben!